Waarom moet alles sterven?

Terwijl ik de laatste hand aan de afwas leg, werp ik een blik naar buiten. Wat schijnt het zonnetje heerlijk! De lente is hier echt aangebroken. In struiken en bomen verschijnen nieuwe bloesemknoppen en alles wordt weer groen. Ik heb een ochtendje voor mezelf. De afgelopen weken waren intensief en ik ben eigenlijk over mijn grenzen gegaan. Tijd om dat weer even recht te zetten. Ik zucht, terwijl ik de afwasteil opberg. Het is mijn eeuwige worsteling om niet teveel te willen in mijn tijd. Als ik dat doe, dan rust ik nog niet uit. Ik moet mijn pas vanochtend vertragen, niet versnellen. Ik moet voelen: wat heb ik nodig? Ik bespreek dit met de Innerlijke Stem door Wie ik mij wil laten leiden en Die ik steeds beter leer kennen. Hoewel ik normaliter het liefst zo snel mogelijk naar de pen grijp om te schrijven, voel ik dat ik dat nu niet moet doen. Ik moet loslaten. Ik moet de zon voelen en een lekker plekje creëren om buiten te zitten vandaag.

“Dode merel”

Ik veeg ons terrasje aan waar de schommelbank staat. Ineens stuit mijn oog op een bruin merelvrouwtje die met gestrekte pootjes op haar rug op de koude tegels ligt. Ik voel met mijn laars. Ze is stijf, ze is dus al een tijdje overleden. Haar ene oogje staart me halfopen aan, haar snaveltje zit toegesloten. Ik bewonder haar verenpracht: tientallen tinten bruin. De vleugeltjes zitten in kunstige lagen tegen haar lijfje aangedrukt, alles nog intact. Dan kom ik terug in de realiteit en sta haastig op: ik wil niet teveel tijd kwijt zijn aan het vegen van het terrasje, ik wil vooral ontspannen vanochtend! Maar de Innerlijke Stem in mij spreekt: “begraaf haar.” Het is een krachtige stem, maar ik verzet me. “Ik wil helemaal geen vogel begraven! Weet U wel hoeveel van mijn kostbare tijd dat kost?” zeg ik tegen Vader God. Dan krijg ik beelden in mijn hoofd van mensen die de tijd nemen voor dingen en zich niet druk maken, maar die een allesoverheersende vrede in zich dragen. Mensen die de kunst beheersen om de tijd stil te laten staan en simpelweg te genieten. Ik zwicht: ik wil dat eigenlijk ook. “Oké,” zeg ik, “help me maar om los te laten. Ik wil dit gaan ervaren.” Ik ga weer op mijn hurken bij de vogel zitten.

Plotseling rollen er tranen over mijn wangen en begin ik te huilen. Ik begin te voelen dat me iets wordt duidelijk gemaakt: ‘Sterven,’ denk ik. ‘Loslaten is sterven.’ Ik denk aan de les die ik van de week voor ogen kreeg, toen mijn dochter verrukt naar het opgekomen zonnebloemplantje keek in haar potje aarde. De schil van het gestorven zonnebloempitje pronkte op één van de blaadjes. “Zie je dat lieverd,” zei ik tegen haar, “de zonnebloempit is gestorven. Alleen de schil is nog over. En uit het gestorven zaadje is dit plantje gekomen. Bijzonder he? Het zaadje moest eerst sterven voordat er een nieuw plantje kon groeien!”

“Een einde aan al het kwaad”

De Bijbel leert ons veel lessen over sterven. Zo staat er dat God er geen behagen in schept dat ook maar één mens sterft, maar dat sterven het gevolg is van de zonde. Vrijwel iedereen kent het verhaal van Adam en Eva in het paradijs. Eén daad van ongehoorzaamheid betekende het einde van een eeuwig leven bij God. Mensen zouden gaan sterven. De dood is het gevolg van zonde. In het licht van Gods eeuwige goedheid is geen plaats voor het kwaad: hebzucht, kwaadsprekerij, jaloezie, haat, egoïsme… Het leidt allemaal tot negatieve energie en uiteindelijk tot de dood. Daarom ook is dit leven eindig: er moet een einde komen aan al die ellende. De zonde moet verdwijnen, anders wordt de wereld nooit een betere plek.

Met de komst van de zonde in de wereld heeft onze Schepper ervoor gekozen om de hele schepping gebukt te laten gaan onder het gevolg van de zonde: in de natuur ligt het proces van afsterven en tot leven komen op talloze manieren als een geheimenis ingebed. Het vertelt ons dezelfde boodschap als de Bijbel. De natuur getuigt en leert ons de juiste weg terug naar God: sterven aan de zonde (het kwaad) om te kunnen leven in liefde. Letterlijk elk graantje van onrecht in ons moet afsterven, om plaats te kunnen maken voor het goede. Dat doet pijn. Niemand vind het leuk om te sterven, of om te verliezen wat/wie hem dierbaar is. Maar het is nodig om pijn toe te laten, om eerlijk naar jezelf te kijken en te zien of er nog iets in je is dat onrechtvaardig is; iets dat niet getuigt van liefde. We weten vaak zo goed wat een ander moet veranderen, maar wat moet er nog in óns veranderen?

“De norm van ware liefde”

De Bijbel leert ook dat geen enkel mens zonder zonde is: iedereen treft schuld. De één misschien meer dan de ander, maar we zijn allemaal schuldig aan het doen van kwaad. Soms kunnen compleet verblind zijn en zien we alleen nog maar fouten in iemand anders, maar niet meer in onszelf. We zijn allemaal wetsovertreders: we hebben allemaal de regels omtrent het liefhebben van God en onze medemens geschonden. We zijn allemaal wel eens egoïstisch geweest, hoogmoedig, jaloers, hebberig, haatdragend, liefdeloos. We hebben allemaal wel eens ons gelijk willen halen, iemand een trap na willen geven of iemand buitengesloten. We kunnen roddelen, schelden, liegen, klagen en allerlei excuses verzinnen om onder onze verantwoordelijkheid uit te komen. Bovendien zijn velen van ons er een ster in om onszelf met een ander te vergelijken en dan te denken: ik doe het nog niet zo slecht. Volgens onze standaard misschien niet. Maar pak de geboden van God er maar eens bij uit de Bijbel, en dan zul je al gauw merken dat niemand de dans ontspringt. De norm van ware liefde ligt erg hoog! Zou dat niet zo zijn, dan zou er nooit een einde aan de ellende in de wereld komen.

Stel dat iemand een moord heeft gepleegd en voor de rechter moet verschijnen. Hij zegt tegen de rechter: “natuurlijk, ik heb dat en dat verkeerd gedaan, maar ik heb ook een heleboel goeds in mijn leven gedaan. Dat telt toch ook?” Zou het een goede rechter zijn als die hem vrijuit liet gaan om alles wat de man goed heeft gedaan, ondanks de moord? Natuurlijk niet. Misschien denk je: ‘maar mijn overtredingen zijn lang zo ernstig niet.’ Ook dan kunnen we een les leren uit de natuur: gooi eens een steen in het water. De steen raakt maar een klein oppervlak, maar de kringen worden groter en groter. Iets wat klein begint, kan enorm uit de hand lopen. Witte verf vermengd met het kleinste druppeltje zwarte verf, maakt dat de hele verf niet meer zuiver wit is. Nee, een overtreding betekent straf voor díe overtreding. Een andere wetsovertreder kan niet je plaats in nemen, hij is immers zelf ook schuldig. Alleen een volkomen onschuldig iemand zou als plaatsvervanger kunnen optreden. Dat is nou precies wat Jezus heeft gedaan, door voor ons te sterven aan het kruis. Zij die hun verkeerde handelen belijden als zonde en vergeving vragen, kunnen door Jezus vrij worden gesproken van ál hun overtredingen tegen de liefde: groot of klein.

“Na sterven komt…”

Kunnen we daarna dan doorgaan met zondigen? Wel… zou dat getuigen van dankbaarheid? Bovendien, als we niet het verlangen krijgen om af te rekenen met ál het kwaad in ons hart, dan zal de wereld voor altijd een plaats van ellende blijven. Nee, zodra je Jezus in je hart hebt aangenomen als plaatsvervangende schulddrager voor alles wat jij verkeerd hebt gedaan, dan begint het eigenlijk pas: het afsterven aan je oude mens, je oude gewoonten en alles wat gewoonweg niet bij onzelfzuchtig liefhebben hoort. In een nieuwe wereld zonder kwaad is daar geen plaats meer voor. Dat is precies waar God naar toe wil: het zaadje dat afsterft, om plaats te maken voor nieuw leven: een nieuwe mens die in staat is belangeloos lief te hebben, zoals de Schepper. Dit lukt ons niet uit eigen kracht. Hier hebben we de Geestkracht van onze Schepper bij nodig. De Bijbel leert ons precies hoe we kunnen sterven aan onze oude mens en kunnen gaan wandelen in de nieuwe mens. Ga maar eens op studie uit.

Inmiddels heb ik een gat gegraven en de dode vogel op haar aarden bedje gelegd. Ze is zo mooi. Het lijkt haast zonde om haar onder de grond te laten verdwijnen. Een laatste gedachte schiet door me heen: ‘soms moeten we dingen loslaten die fijn voor ons voelen, maar die niet bijdragen aan ware liefde. Ook die dingen zijn zonde voor God en moeten sterven.’ Kun je geen voorbeeld bedenken? Wat dacht je van het uitgaan van je verlangens naar een andere man dan je eigen partner? Spreekt dat van liefde en trouw? Soms moet je iets wat fijn voelt opgeven. Ik gooi aarde op de merel en druk de boel stevig aan. Een diep gevoel van rust en vrede overspoelt mij. Wat heb ik een wonderlijke les geleerd vanochtend, door stil te staan en los te laten. In gedachten zend ik een dankgebed omhoog.

Liefs, Lianne

Efeze 5:8 “Want u was voorheen duisternis, maar nu bent u licht in de Heere; wandel als kinderen van het licht.”

Romeinen 12:2 “En word niet aan deze wereld gelijkvormig, maar word veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is.”

2 Korinthe 5:17 Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden.

Johannes 3:3 “Jezus antwoordde en zei tegen hem: ‘Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als iemand niet opnieuw geboren wordt, kan hij het Koninkrijk van God niet zien.’”

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter

4 reacties op “Waarom moet alles sterven?”

Laat een reactie achter aan Liede Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.